Er zit een dunne lijn tussen alleen zijn en eenzaam zijn. Chronisch ziek zijn brengt vaak meer met zich mee dan alleen fysieke klachten. Als je chronisch ziek bent, heeft dat ook invloed op je werk, sociale leven, zelfbeeld en je gevoel van verbondenheid met anderen. Veel mensen met een chronische aandoening ervaren dat hun wereld kleiner wordt. Afspraakjes moeten vaak worden afgezegd, energie is beperkt en anderen lijken niet altijd te begrijpen wat je doormaakt. Dat kan leiden tot eenzaamheid maar dat is niet hetzelfde als alleen zijn.
Alleen zijn
Alleen zijn betekent heel simpel gezegd dat je op een bepaald moment geen gezelschap hebt. Voor veel mensen met een chronische ziekte is dat soms een bewuste keuze. Alleen zijn kan ruimte bieden voor rust, herstel en zelfreflectie. Het kan een manier zijn om even niet te hoeven ‘presteren’, geen masker op te zetten of energie te verspillen aan sociale verplichtingen. Voor sommigen mensen is het een tijd waarin ze zichzelf beter leren kennen, creatieve hobby’s oppakken of innerlijke rust vinden. Alleen zijn kan dus helend zijn, mits het een vrijwillige en bewuste keuze is.
Eenzaamheid
Eenzaamheid daarentegen gaat niet over het aantal mensen om je heen, maar over het gevoel van gemis. Je kunt omringd zijn door anderen en je toch eenzaam voelen. Voor mensen met een chronische ziekte is dat gevoel vaak lastig. De ziekte kan grenzen stellen aan wat je kunt doen, waardoor vriendschappen soms verwateren. Mensen in je omgeving weten niet altijd hoe ze met je situatie om moeten gaan. Uitnodigingen blijven uit, of je moet ze zelf afzeggen, omdat je lijf het niet toelaat. Langzaam ontstaat er een kloof tussen jou en de wereld om je heen. Eenzaamheid is dus niet alleen een sociaal gemis, maar ook een emotionele pijn, het gevoel dat je niet echt wordt gezien of begrepen.
De balans zoeken
De uitdaging ligt in het vinden van een balans tussen alleen zijn en niet eenzaam raken. Dat vraagt om bewustwording én om kleine stappen:
- Onderhoud contact op jouw manier. Misschien lukt een lange ontmoeting niet, maar een kort telefoontje of berichtje kan al verbinding brengen.
- Zoek gelijkgestemden. Het (online) vinden van mensen met een vergelijkbare aandoening biedt vaak herkenning en steun. Denk hierbij aan je aansluiten bij een Facebookgroep, een online community of een patiëntenvereniging.
- Koester betekenisvolle relaties. Kwaliteit gaat boven kwantiteit. Eén of twee mensen die écht luisteren kunnen veel betekenen.
- Durf hulp te vragen. Eenzaamheid is geen zwakte, maar een menselijke ervaring. Gesprekken met een psycholoog, maatschappelijk werker of lotgenoot kunnen helpen.
Zelfliefde is belangrijk!
Alleen zijn kan pas prettig worden als je je eigen gezelschap leert waarderen. Voor chronisch zieken is dat soms moeilijk, zeker als je lichaam je in de steek laat. Toch kan juist die zelfliefde een sleutel zijn tot minder eenzaamheid. Door mild te zijn voor jezelf, te accepteren dat jouw tempo anders is en trots te zijn op wat wél lukt, ontstaat ruimte voor verbinding met jezelf én met anderen. Eenzaamheid en alleen zijn, zijn twee verschillende ervaringen, maar bij chronisch zieken raken ze vaak met elkaar verweven. Alleen zijn kan een bron van rust en kracht zijn, maar wanneer het contact met anderen verwatert, ligt eenzaamheid op de loer. Door bewust aandacht te besteden aan verbinding, openheid en zelfzorg, kun je langzaam de balans herstellen – en ontdekken dat je niet alleen bént, zelfs als je vaak alleen bént.
Meer lezen van Mariëlle? Klik hier of volg haar op Instagram of ga naar haar website.